USA
Reisverslag
“Color Country Trail”
13 juni tot en met 9 juli 2008
Afgelegde afstand: 4512 km
Schema:
We boekten wederom een 2-weekse rondreis doorheen het
Amerikaanse Middenwesten via het reisbureau
Reisagentschap
Spillemaecker. Deze reisformule wordt
aangeboden door Whings & Wheels
en omvat voorgeboekte
overnachtingen, een routeplan en een huurauto van
Alamo. In tegenstelling tot de
vorige reizen kiezen we deze keer voor een rondrit
doorheen het Amerikaanse binnenland, hoofdzakelijk in en
rondom de Rocky Mountains. We brengen wel zelf nog een
aantal wijzigingen aan het vooropgestelde routeplan,
waarbij extra tijd wordt voorzien in bepaalde plaatsen,
zodat we rustig nog meer kunnen zien. Door de gunstige
koers van de Euro t.o.v. de Dollar, is de ganse reis
merkelijk goedkoper en besparen we ruim 25%. Voor onze
vluchten kiezen we nu voor Lufthasa, die de beste uurregeling biedt
en het meest voordelig is. Bovendien wilden we niet
opnieuw via het lastige London-Heatrow, waardoor de Duitse
vliegtuigmaatschappij de beste troeven bood. Naast de
aanschaf van enkele Capitool- en Lannoo reisgidsen was eveneens
ons TomTom navigatiesysteem
ingesteld en de ganse trip
grondig voorbereidt. Dus klaar voor vertrek...
Colorado
Dag 1 maandag 23/06/2008: Brussel-Denver 11:00
uur
Vroeg uit de veren... om 04.00 u komt het busje ons reeds
ophalen en brengt ons naar Zaventem, waar we om 07.10 u onze
vlucht naar Munchen nemen. Van daaruit vliegen we met
een Airbus A340 rechtstreeks naar Denver,
hoofdstad van de staat Colorado en landen er om 12.10u
plaatselijke tijd. De ambtenaar van de immigratiedienst
handelt vlug en kordaat alle formaliteiten af, waarna we
onze bagage oppikken en met de shuttle naar het
autoverhuurbedrijf rijden. Omdat deze trip veelal doorheen
de bergen gaat, kozen we nu voor een krachtige
Chevrolet
TrailBlazer. De auto was reeds op voorhand
gereserveerd en betaald, dus konden we meteen instappen en
richting Denver downtown rijden naar ons eerste
hotel Comfort Inn
Denver. Na het inchecken hebben we nog
ruim de tijd voor de omgeving even te verkennen en een
wandeling te maken doorheen de winkelwandelstraten. De
grote mall met shoppingcentra en taverne’s bieden
een leuk tijdverdrijf, zeker voor de laatste dag van onze
reis, wanneer we hier nog een extra dag zullen
doorbrengen. Na het avondeten bezoeken we nog even het
plaatselijke Hard Rock Café, praten er na over de voorbije
lange dag en doornemen er het roadbook voor de komende
dagen. Tijdig terug naar het hotel, zodat we na een goede
nachtrust morgen aan onze trip kunnen
beginnen.

![]()

![]()
Colorado
∼
Wyoming
∼
Nebraska
Dag 2 dinsdag 24/06/2008: Denver-Scottsbluff
420 km /
5:58 uur
Na een stevig ontbijt checken we uit en verlaten Denver
via Boulder richting Estes Park. de toegang tot het
Rocky Mountain National
Park.
We genieten er even van de natuur, wandelen langs de
talrijke “art galeries” en drinken er een
heerlijke kop koffie. Op het meer Lake Estes kan je boottochtjes maken of
per kabelspoor naar een prachtig hoog gelegen
plateau gaan, maar we besluiten verder door te rijden
naar Cheyenne, de hoofdstad van de
staat Wyoming, ontstaan tijdens het aanleggen
van de Union Pacific
Railroad. De stad is beroemd om zijn
jaarlijkse “Frontier Days”, het grootste rodeo
evenement in de USA en beschouwd als het
wereldkampioenschap. Hier houden we halt in het
Holiday Park waar de Big Steam Engine staat, de grootste
stoomlocomotief ooit gebouwd. Een ongelooflijk staaltje
van wat de mens reeds construeerde, terwijl de loc nu
onderdak biedt aan diverse families van eekhoorntjes. In
het park staat ook één van de acht Cheyenne Big
Boots,
(reuze beschilderde cowboylaarzen), waarvan de anderen
elders in de stad kunnen bewonderd worden. Na het bezoek
verlaten we Cheyenne in noordelijke richting tot
Scottsbluff in de staat Nebraska. Net voor we
de stad bereiken, bezoeken we eerst nog het
Scottsbluff National
Monument. Dit omvat een landschap rondom
een 244 meter hoog rotsmassief, te bereiken doorheen 3
tunnels van de ‘Summit Road’, de oudste officieel
geregistreerde weg in Amerika, waarna je een prachtig
panorama hebt over de streek. Meteen kochten we ook een
toegangpas aan voor alle Nationale Parken van de VS, zodat
het een stuk goedkoper uitkomt voor de komende bezoeken
aan de andere parken die nog op het programma staan. Een 8
km verderop trekken we in ons gereserveerd motel
Days Inn
Scottsbluff. In een nabijgelegen steakhouse
bestellen we een typische T-bone met een lekkere
Budweiser. Een perfecte afsluiter van de eerste dag van
onze rondreis…

![]()
Nebraska
∼
South-Dakota
Dag 3 woensdag 25/06/2008: Scottsbluff-Keystone
345 km /
6:47 uur
Aangezien we gisteren reeds het Scottsbluff National
Monument bezochten, hoeven we niet een
eind terug te rijden en laten ook het Agate Fossil Beds NP
links liggen. We
zagen op vorige reizen reeds genoeg over fossielen en
besluiten meteen door te rijden tot Hot Springs, de zuidelijke toegangspoort van
de Black Hills in de staat South-Dakota. Even
verderop bereiken we het Wind Cave National
Park,
en houden halt voor een bezoek aan de wondermooie immense
grotten. We krijgen meteen een privé gids die ons doorheen
een gedeelte van de grotten loodst en ons verteld over het
ontstaan ervan, het eerste exploitatie en hoe alles
(gelukkig) uiteindelijk in handen van de staat kwam. Het
meest verschillend met eender welk andere grot is dit men
hier geen enkele stalactiet of stalagmiet aantreft, maar
enkel honingraat vormen, ontstaan door ijs en de vochtige
wind die de grotten maakten tot wat ze zijn. Doorheen de
enige oorspronkelijke ingang van de grotten, die slechts
een 30cm groot was, blies de wind in en uit de holtes,
waardoor de grotten ook hun naam verkregen. Nu zijn er aan
de andere toegangen luchtsluizen geplaatst, zodat de
temperatuur en vochtigheid binnenin constant blijft en op
die manier de grotten niet worden beschadigd. Het mooi en
leerrijk bezoek werd afgerond met een wandeling naar de
oorspronkelijke ingang, waarbij je je afvroeg hoe men in
hemelsnaam doorheen de kleine opening in de grotten is
kunnen geraken. Na een klein middagmaal rijden we verder
doorheen het Custer State Park
en treffen er meteen
grote kuddes bizons aan die gewoonweg over de wegen
wandelen en zich niets aantrekken van het verkeer. Ook
tref je hier diverse andere soorten dieren aan, zoals
herten, elanden, coyotes, prairiehonden, ezels, enz. Je
rijdt gewoonweg doorheen een reservaat waar de dieren
voorrang hebben op alle anderen en je ze om de haverklap
op of naast de weg alleen of in kuddes aantreft. Het is
echter wel aangeraden om in de wagen te blijven zitten,
zeker wanneer je een aantal bizons passeert die elk ruim
1000 kg wegen en met hun gebrom je laten verstaan wie hier
de baas is. Je kan ook om tijd te besparen omheen het park
naar Keystone rijden, maar langs de mooie,
rustige en bochtige weg doorheen het park kan je pas echt
de fauna en flora bewonderen zoals het hoort. In de late
namiddag komen we dan aan te Keystone en nemen er intrek in het
Mt. Rushmore's White House
Resort voor de komende twee nachten. Aan
het motel is een goed restaurant voorzien, waar we onze
hongerige magen stillen. Daarna trekken we op wandel
doorheen het pittoreske stadje met zijn typische saloons
en winkeltjes die je doen terugdenken aan het oude Wilde
Westen. Terwijl midden van de straat cowboys vuurgevechten
houden (en daarmee publiek trachtten te lokken naar hun
saloons), stopt aan het oude treindepot de
1880 Train, waarmee je toeristische tochtje
kan maken doorheen de omliggende canyons. Kortom, een
levendig en toeristisch stadje met tal van belevenissen
voor elkeen. We sluiten de avond af met een bezoek aan een
saloon met live muziek en waar de diensters in
traditionele kledij je komen bedienen. Je waant je meteen
terug in de tijd als de sheriff doorheen de klapdeuren ook
even zijn dorst komt lessen, maar een blik op het uurwerk
vertelt ons dat het stilaan tijd wordt om onder de lakens
te kruipen. Morgen zijn we hier nog een ganse dag, dus...
South-Dakota
Dag 4 donderdag 26/06/2008: Keystone
Vandaag hoeven we geen lange afstanden te rijden, want we
plannen enkel een bezoek aan de twee plaatselijke meest
belangrijke monumenten die op korte afstand van het centrum
liggen. Als eerste is dit het Mount Rushmore National
Memorial, één van de meest bekende en
beroemdste plaats in Amerika, waar de gezichten van 4
voormalige Amerikaanse presidenten zijn uitgehouwen in het
massieve granieten gebergte. Het zijn de hoofden van nl.
George Washington, Thomas Jefferson, Theodore Roosevelt en
Abraham Lincoln die het mooist te fotograferen zijn in de
ochtend of tijdens de voormiddag. Het is een erg groot
kunstwerk met hoofden van ±18 m hoog en de monden meer dan
5 m breed. In 1927 zijn de werken gestart en 15 jaar later
was met de hulp van 400 medewerkers de levensdroom van
Gutzon Borglum klaar. Je treft er een visitor center aan,
een museum, een giftshop, een restaurant en een
amfitheater. Bovendien wandel je er door een zuilengang
waarop alle 50 Amerikaanse staten
zijn afgebeeld met
hun schild, vlag en datum van intrede tot de VS. De
toegang tot het domein is gratis, maar om je auto te
parkeren betaal je $15. Nadien begaven we ons naar
het Crazy Horse
Memorial, op een 35 km van Keystone.
Sinds 1948 is men aan dit monument aan het werk en als het
ooit afgeraakt het grootste beeldhouwwerk ooit door de
mens gemaakt. Het beeld Crazy Horse uit, het Sioux
opperhoofd, gezeten op een paard, een eerbetoon aan de
Noord-Amerikaanse indianen. Je ziet het monument reeds van
ver op de highway, maar om tot bij het visitor center te
komen moet je wel per wagen $27 betalen. In deze prijs is
een bezoek aan het Indian Museum of Native
Americans inbegrepen, dat bij het visitor
hoort, is samengesteld uit giften van huidige nazaten van
de Sioux Indianen. Bovendien kan je met een (gammele) bus
kan je tot bij de werkzaamheden komen. Nadien reden we
terug naar de stad en bezochten er nog even het
Borglum Historical
Museum, waar je nog meer kan vernemen
van de ontwerper van Mount Rushmore en zijn motivatie om
het beeldhouwwerk te ontwerpen. We besluiten deze rustige
dag met een gezellig diner in het stadje en plannen een
lange nachtrust, want morgen wacht ons de langste etappe
van onze rondreis en willen we er tijdig en uitgerust aan
beginnen.

![]()
South-Dakota
∼
Wyoming
Dag 5 vrijdag 27/06/2008: Keystone-Cody 664 km / 8:38
uur
Vroeg uit de veren, want er staat een lange trip op het
programma. Via Rapid City rijden we richting
Spearfish naar de staat Wyoming. Net
voorbij Sundance verlaten we de highway en rijden
naar het Devil’s Tower National
Monument, een 386 hoge monoliet van
intrusief gesteente en waarvan de top zich op 1558 meter
boven het zeeniveau bevindt. Dit natuurfenomeen is
onderdeel van de eerste United States National Monument,
in 1906 opengesteld door President Theodore Roosevelt.
Deze site was een belangrijke onderdeel in de film Close
Encounters of the Third Kind van Steven Spielbergh.
Vervolgens weer terug naar de highway I-90 West die we tot
voorbij Buffalo volgen tot Sheridan. Hier zijn we
in de buurt van het Bighorn National
Forrest, het haast legendarische
jachtgebied van de Crow, de Cheyenne en de Sioux indianen,
voor de blanken er begonnen met hun kolonisatie. Net voor
de grens met de staat Montana nemen we Highway US14
richting Burgess Junction, waarbij we over de 3140m hoge
Bighorn Pass rijden en via Lovell een prachtige omweg naar het
zuidelijk deel van de Bighorn Canyon Recreation
Area.
Deze weg loopt door veel natuurschoon van bossen, meren,
rivieren en enkele serieuze bergpassen. We passeren
“Medicine Wheel”, een bouwwerk van
prehistorische indianen. Net voorbij Lovell rijden we naar onze volgende
etappeplaats Cody en nemen er onze intrek in
het Comfort Inn At Buffalo Bill Village
Resort. Het stadje werd gesticht door
niemand minder dan William F. Cody, een legendarische
pionier en showman, die bij ons beter bekend is als
Buffalo Bill. In het Buffalo Bill Historic
Center, met zijn 5 musea en
interessante tentoonstellingen, verneem je dan ook alles
over deze historische figuur. Tijdens de wandeling door de
straten, zien we de beroemde Gunfighters aan het werk, die elke zomeravond
een cowboy straatgevecht houden aan de ingang van het Irma
Hotel. Ook is Cody de “Rodeo Capital of The
World” en organiseert men er
tijdens de zomer dagelijks een avondrodeo, de ideale
manier om de sfeer van het Wilde Westen op te snuiven. Je
merkt het ook aan de tientallen trailers met paarden die
af en aan door de straten rijden met deelnemers aan dit
gebeuren. De lange (saaie) trip van vandaag zonder veel
hoogtepunten, was echter net iets teveel gevraagd om nog
zo’n show bij te wonen, waardoor we verkozen rustig
op een terras te dineren met een lekker glaasje bier.

![]()
Wyoming
∼
Montana
Dag 6 zaterdag 28/06/2008: Cody-West-Yellowstone
286 km /
4:33 uur
Vandaag een relatief korte trip voor de boeg, waarbij we
eerst via het Buffalo Bill Reservoir
rijden, een
kunstmatig meer gevormd door de bouw van de plaatselijke
dam. Een uurtje later zijn we reeds aan de East Entrance
van het mooie Yellowstone National Park
en rijden door een
deel van het Shoshone National
Forest, over de 2850 meter hoge
Sylvan Pass, naar het centrum van het park.
Aangezien we logeren in West Yellowstone in de staat Montana, aan de
westelijke zijde van het park, en de afstanden tussen de
verschillende plaatsen in het park redelijk groot zijn,
rijden we vandaag reeds via de "North Loop" en ontdek indrukwekkende
canyons, stormachtige watervallen, glinsterende
rotspartijen. Enkele bekenden daaronder zijn o.m.
Grand Canyon of the
Yellowstone, een ravijn die door de
gelijknamige rivier in het gele gesteente werd
uitgeslepen. Belangrijkste viewpoints zijn Artist Point,
Inspiration Point en Lookout Point, waar je op deze
laatste een prachtig zicht hebt op de 94 m hoge
Lower Falls. Verderop kom je bij
Roosevelt Area, welke bestaat uit vulkanische
heuvels, weiden en bossen en iets minder spectaculair
oogt. In het uiterste noorden van het park tref je de
wondermooie Mammoth Hot Springs
aan, gekenmerkt door
kleurrijke warmwater poelen en terrasvormige
kalksteensteenformaties. Via afgebakende voetpaden kan U
de bronnen dichtbij bekijken. Via het Norris Geyser Basin
(stoom- en
damppoelen) en de junction Madison, rijden we naar de
westelijke ingang van het park en treffen er net buiten
ons verblijf Stage Coach Inn aan, waar we 2 nachten zullen
vertoeven. Het plaatsje West Yellowstone is echt een winters vakantieoord,
waar niet veel spectaculair te beleven valt. Buiten enkele
restaurantjes, supermarkten, hengelsport- en
souvenirwinkeltjes tref je hier dan ook niet veel meer
aan. Ergens logisch, omdat de meeste die hier enkel de
nacht doorbrengen en tijdens de dag in het park vertoeven.
We zagen er vandaag reeds een groot gedeelte van en
besluiten morgen de andere bezienswaardigheden te
bezoeken.

![]()

![]()
Montana
∼
Wyoming
∼
Montana
Dag 7 zondag 29/06/2008: Yellowstone
Het Yellowstone National Park
heeft een oppervlakte
van 2170 km2 en gelegen op de grens van 3 staten. Het werd
in 1872 het eerste Nationaal Park en een van de meest
populaire van de wereld, met jaarlijks meer dan 4 miljoen
bezoekers. Je treft hier diverse dieren aan in het wild,
die vaak het verkeer belemmeren terwijl ze midden van de
weg staan te grazen. Dat merken we ook wanneer we weer het
park inrijden en om de haverklap in een file staan van
mensen die uit de auto foto’s nemen van dieren de
langs de weg staan te grazen. Net zoals in voorgaande
parken zijn het hier ook veelal bizons, elanden en herten
die je in kuddes aantreft. Al geld in het gehele park een
snelheidslimiet van 45 miles en moet je ten alle tijde
voor elk dier op de weg kunnen stoppen, toch tref je
geregeld een dood dier aan langs de weg dat bij het plots
oversteken niet meer kon ontweken worden. Meestal zijn het
kleine onvolwassen herten die onverwachts uit het
struikgewas opduiken, waarbij ook de wagens zwaar
beschadigd worden. Het is dus opletten geblazen en heel
rustig rijden we via de Midway Geyser Basin
en Lower Geyser Basin
naar onze eerste
locatie in de South Loop, de meest spectaculaire plaats
van het park, Old Faithful Area. Hier bevindt zich de grootste
concentratie geisers, warmwaterbronnen en modderpoelen. De
Old Faithful geiser is de betrouwbaarste in het park en
spuit om de 90 minuten een 45 meter hoge stomende
waterstraal de lucht in. Rondom de geiser is een enorm
wandelpad geconstrueerd met zitbanken, welke steeds de
geiser in werking gaat treden volledig vol zitten met
kijklustige toeristen die het gebeuren willen fotograferen
en/of filmen. Het is dan ook een geweldig en luidruchtig
spektakel wanneer het stomende water hoog opspuit. We
vervolgen onze tocht en rijden langsheen het mooie
Yellowstone Lake
Regio,
het grootste meer van het park en een zomerse
trekpleister. Zelfs in deze enorme watermassa tref je her
en der een dampende rookzuil of bubbelende poel aan,
wijzend op de ondergrondse vulkanische aanwezigheid die
het hele gebied kenmerkt. Verderop zie je dit echt goed
bij Mud Vulcano, een borrelende modderpoel in de
krater van de vulkaanmond. Ook de luidruchtige stoom die
uit de gaten ontsnapt wijst op een nog zeer actieve
ondergrond. Wat kan de natuur toch mooi zijn... We zijn
blij dat we gisteren reeds het noordelijk deel van het
park bezochten, want al zijn de afstanden van beide lussen
niet meteen groot, toch doe je er erg lang over wanneer je
zoals het hoort halt houdt bij elke bezienswaardigheid. Zo
ben je al gauw een half uur kwijt wanneer je ook de
Virginia Cascades loop
neemt, die slechts
een 3-tal kilometer lang is. Zoals de meeste van dit soort
kleinere eenrichtingsweggetjes mag je hier enkel met een
personenwagen doorheen en heb je vaak erg steile en smalle
gedeeltes. Toch loont het de moeite om bv. deze
wildwaterrivier op deze manier naderbij te bekijken, want
van op de hoofdweg zie je deze helemaal niet liggen. Een
laatste halt houden we bij het meest actieve gebied,
het Norris Geyser Basin
en zijn stoom- en
damppoelen. Terug op de hoofdweg worden plots alle
auto’s tegengehouden door de Park Rangers, die hun
voertuigen met flikkerlichten dwars over de weg plaatsen.
Wanneer er een grizzly over de weg stormt en net langs
onze wagen het woud invlucht, begrijpen we meteen waarom.
Even later mag iedereen heel rustig terug verder rijden,
maar waarschuwen de Rangers alert te zijn voor dit soort
dieren. Je mag er niet aan denken dat je een foto staat te
nemen en er plots zo’n kolos op je afkomt. Zelfs met
de camera in de hand schrokken we zo dat we vergaten er
een foto van te nemen. Bovendien was het dier enorm snel
en hadden we er nauwelijks kans voor. Wel zagen we een
tijd later ver van de weg een wolf lopen en namen er mooie
foto’s van. Je moet geluk hebben voor het zien van
dergelijke dieren. De dag zit er weer bijna op en rijden
terug via de westelijke ingang naar ons verblijf in
West Yellowstone. Na een verkwikkende douche
genieten we van een lekkere maaltijd in één van de
restaurantjes en praten nadien nog wat na over wat we
allemaal hadden gezien. Nog een kleine waarschuwing voor
wie ook ooit naar deze regio komt: voorzie je van een
product tegen de muggen, want deze beestjes vliegen hier
met duizenden rond en steken zelfs doorheen je shirt. Op
zich is een muggenbeet niets vergeleken met wat dit soort
muskieten doen: het kleine wondje groeit uit tot een
vuurrode bult op je lichaam die dagen enorm jeukt. Je
wordt er gewoonweg gek van !

![]()
Montana
∼
Wyoming
Dag 8 maandag 30/06/2008: West-Yellowstone-Jackson
202 km /
3:31 uur
Vandaag is het niet zo ver rijden, zodat we niet al te vroeg
hoeven te vertrekken. We moeten steeds nog een eind doorheen
Yellowstone Park om het via de zuidelijke zijde te verlaten.
Je merkt ook dat het weekend voorbij is, want het aantal
auto’s in het park is beduidend minder dan de
voorgaande dagen. Toch moeten we noodgedwongen nog even halt
houden, want een groot bizonmannetje staat met zijn kroost
midden op de weg te staren naar de auto’s die ze
onbewust tegenhouden. Gelukkig gaan ze na 5 minuten reeds
terug de velden in en krijgen we nog de gelegenheid er een
prachtige foto van te maken. Een uurtje later rijden we het
park buiten en bevinden ons in het prachtige
Grand Teton National
Park,
een uitloper van Yellowstone Park. Via de panoramische
route langs het Jenny Lake rijden we langs diverse gletsjers
en naaldbossen. Het kan hier van september tot mei erg
koel zijn en de zomer duurt hier niet erg lang, al mogen
we echt niet klagen, want sinds onze aankomst in de VS
heerst er al dagenlang een hittegolf in deze regio,
waardoor de airco in de wagen steeds koele lucht moet
blazen. In deze streek doet men het meest aan
bergbeklimmen, trekken, wandelen, vissen, varen en
paardrijden. Net voorbij Jackson Lake Lodge
rijden we een smal
weggetje in naar Signal Mountain. Het is erg steil tot helemaal
op de top en op het einde van de weg heb je één van de
mooiste panorama’s over het ganse gebergte en de
meren van dit park. Nadien weer terug naar beneden tot bij
één van de mooiste gezichtspunten in het park die je vaak
terugvindt op postkaarten, de Cathedral Group
Turnout. Hier zie je de hoogste berg van
het park, de Grand Teton, met een hoogte van 4170 meter.
Net voor we Moose bereiken, het eindpunt van deze
panoramische route, komen we nog langs Menor’s Ferry Historic
Site en bij de Chapel of the
Transfiguration. Door het raam van deze kapel
geniet U van een prachtig zicht op de bergen, al is dit
niet aan ons besteedt, want langzaam maar zeker trekt het
donkere wolkendek zich samen en zien we diverse bliksems
inslaan op het gebergte. Er dreigt een serieus onweer aan
te komen, waardoor we genoodzaakt verder rijden naar onze
eindbestemming voor vandaag, het stadje Jackson. Het telt ±8500 inwoners en
zowel in de winter als in de zomer erg geliefd voor
diverse activiteiten (skiën, rodeo, enz.). De Town Square
is de populairste plaats van de stad, met de
beroemde Million Dollar Cowboy
Bar,
de talrijke winkels met houten trottoirs en een enorme
boog van elanden gewei. Je waant je hier werkelijk in
een echt stadje uit het wilde westen, waarbij enkel de
straten met asfalt zijn bedekt in plaats van het
oorspronkelijke zand. Ook de talrijke mooie winkels duiden
er op dat hier erg veel toeristen komen. We overnachten er
in het motel Painted Buffalo
Inn.

![]()

![]()
Wyoming
∼
Idaho
∼
Utah
Dag 9 dinsdag 01/07/2008: Jackson-Salt Lake City
435 km /
6:43 uur
Vanuit Jackson rijden we richting Alpine Junction, doorheen
een mooie Caribou National Forest
en volgen een stuk de
loop van de Snake River. Via Montpelier, in de staat Idaho, passeren we
het meer “Bear Lake”, een echt
vissersparadijs, en verder richting Logan in de staat Utah. Deze ganse
route is een officiële ‘scenic road’, een deel
van de historische Oregon Trail die de eerste avonturiers
westwaarts leidde, doorheen hoge rots-klippen, nauwe
canyons en smalle rivieren, erg afwisselend en aangenaam
om te rijden. Bij Brigham City volgen we de autostrade I-15
South, die doorheen Salt Lake City loopt en ons tot in het centrum
brengt naar ons volgende verblijf Best Western Garden Inn Salt Lake
City.
De stad ligt in een brede vallei, op 1320m boven de
zeespiegel, omringd door de ruige pieken van de
Wasatch Mountains
en het
Great Salt Lake, één van de grootste zoutmeren
ter wereld. Salt Lake City werd in 1847 gesticht door de
Mormonenleider Brigham Young en is sindsdien het
wereldhoofdkwartier van deze godsdienst
‘The Church of Jesus Christ of Latter-day
Saints’. We zijn dan ook tijdig
op onze bestemming, waardoor we voldoende tijd hebben voor
een bezoek aan Temple Square, de locatie van de
Salt Lake Tempel van de Mormonen. Dit is de
grootste trekpleister van de stad met de majestueuze
tempel en het grote ‘Tabernacle’, waarin het
wereldberoemde Mormon Choir zijn uitvoeringen brengt. Vaak
worden er tegen het eind van de voormiddag concerten
gegeven, op het immense kerkorgel met meer dan 12.000
pijpen, één van het grootste ter wereld. Een wandeling
doorheen de visitor centers laat ons kennismaken met de
leer van de Mormonen en tevens hun prachtige schilderijen
en beeldhouwwerken aanschouwen die ze hier tentoonstellen.
Na het bezoek rijden we nog even de heuvel op om een
kijkje te nemen naar het State Capitol, het parlementsgebouw van de
staat Utah, gevestigd in zijn hoofdstad Salt Lake City.
Dit bouwwerk werd opgericht in 1896 en huist een prachtige
verzameling beeldhouwwerken en schilderijen.
Utah
Dag 10 woensdag 02/07/2008: Salt Lake City-Moab
373 km /
5:20 uur
De vandaag af te leggen route is vrij eenvoudig met onderweg
weinig hoogtepunten, waardoor we rechtstreeks naar onze
volgende bestemming rijden. Via de autostrade I-15 South
rijden we naar Price en vervolgens via Highway 6
van Helper tot Green River, een weg gecatalogeerd als
“scenic highway” en best aangenaam om te
rijden. Vlakbij Green River richting Cresent Junction en Grand Junction, om verderop
exit 180 te volgen die door het centrum van
Moab loopt, onze bestemming van
vandaag. Net voor de stad treffen ons verblijf voor de
volgende twee nachten aan, het erg aangename motel
Aarchway Inn. Hier is de hittegolf pas echt
voelbaar, met ruim 40°C in de schaduw voor iedereen teveel
van het goede. Gelukkig is er overal airco voorzien en is
het binnen best aangenaam. Voor een bezoek aan de parken
is het reeds te laat, waardoor we besluiten in de stad het
information center te gaan bezoeken en hun te vragen wat
we deze dag nog kunnen doen aan uitstappen. Bovendien
hebben we vandaag reeds genoeg kilometers afgelegd en
hebben morgen de ganse dag voor de parken te bezoeken. Een
boottocht op de Colorado rivier is hier ook mogelijk, maar
voor vanavond was alles reeds volgeboekt. Bovendien zitten
hier ook zulke kleine maar enerverende muggen, die
doorheen je kleren je grote en jeukende beten bezorgen,
waardoor we een tocht op de rivier voor bekeken houden.
Een rondvlucht boven dit gebied bleek ook niet mogelijk en
bovendien erg duur, dus beperkten we ons maar tot een
bezoek aan het plaatsje Moab zelf. Met deze hitte was al
wat je deed reeds vermoeiend, dus bezochten we maar de
diverse winkels waar de airco op volle kracht draaide en
het enigszins uit te houden was. Tegen de avond werd het
iets koeler en tijd voor een lekker terrasje. Terug in het
motel namen we een verfrissende duik in het zwembad en een
verkwikkende douche. Wederom een dag voorbij in het
gezellige Amerika.
Utah
Dag 11 donderdag 03/07/2008: Moab
We gaan tijdig ontbijten, zodat we het bezoek aan het
Arches National Park
kunnen aanvangen
terwijl de temperatuur nog dragelijk is. Dit natuurgebied,
op nauwelijks 3km van het motel, is vooral bekend om
zijn Arches (bogen) in zandsteen, ontstaan
door water dat zich in spleten en gaten verzameld en de
zandsteen langzaam wegslijt. Stukje bij beetje schilfert
hij af, totdat de rots volledig is doorboort. In het park
vind je bijna tweeduizend Arches. Aan de ingang van het
park, bij het parkbureau, krijg je alle informatie die je
nodig hebt. Aangezien je in het park nergens plaatsen met
schaduw vindt, loopt de gemiddelde temperatuur ’s
zomers op tot boven 40°C, waardoor men de raad geeft geen
wandelingen te maken gedurende de middag, het warmste deel
van de dag en de zon op haar hoogste punt staat. Vanaf de
ingang start de 68 km lange “scenic drive”,
waarlangs je alle belangrijke viewpoints en
panorama’s aantreft. De weg gaat hier tussen
Courthouse Towers
door, enorme
loodrechte rode zandsteenwanden. Verderop kom je langs
Balanced Rock, waar je afvraagt hoe de steen blijft
liggen. De weg onverhard verder naar de The Windows, de
grootste bogen van het park zoals Double Arch. Bij de
parkeerplaats begint het pad naar Delicate Arch, de beroemdste van het park, en
wordt afgebeeld op de nummerplaten van auto's uit de staat
Utah. Rond de middag ronden we ons bezoek af aan dit park
en rijden eerst even terug naar het centrum van Moab om
ons te voorzien van flesjes fris water en voedsel. Nog
even de brandstoftank bijvullen, de ramen schoonmaken en
we zetten koers naar het Canyonlands National
Park,
op een 15km van Moab. Dit park van 1350 km2 omvat een
unieke wilde streek rondom de samenvloeiing van de Green
River en de Colorado. Gedurende miljoenen jaren heeft de
erosie er een schitterend landschap gecreëerd met
ontelbare canyons, natuurlijke bruggen en bogen, plateaus
en rotsformaties. Vanaf de Hwy 191 is het nog enkele
kilometers rijden doorheen hoge rotsen om verderop aan de
splitsing met de aanduiding naar Dead Horse Point State Park
te komen, welk deel
uitmaakt van het Canyonlands-gebied. Net voor het Visitor
Center, vind je hier de weg naar Island in the Sky
en de Mesa Trail naar
het schitterend Grand View Point. Het Canyonlands National Park
zelf bereik je door
aan de splitsing rechtdoor te rijden, waardoor je via de
“scenic drive” tot op twee plaatsen doorheen
de uitgestrekte canyons kan rijden: “Upheaval
Dome” en “Grand View Point Overlook”.
Het park is zo groot en uitgestrekt dat je voor de andere
viewpoints te bereiken je helemaal terug moet naar Hwy 191
en via andere parkingangen er pas geraakt. Het is nu reeds
een zware beproeving om in deze hitte een viewpoint te
bezoeken, waarbij je na 10 minuten reeds tracht om terug
in de koele auto te zitten. Wij houden het dan ook bij dit
3 uur lange afgelegde traject en keren terug naar het
motel voor een verfrissende duik in het zwembad. Vanavond
trakteren we onszelf nog eens op een typische T-bone in
het nabij gelegen steakhouse. Op deze manier kan Son ook
nog een biertje drinken zonder dat ze daarna nog met de
auto moet rijden, want in de staat Utah is men erg streng
als je met alcohol op achter het stuur zit. De dag zit er
weer bijna op.

![]()
Utah
∼
Colorado
Dag 12 vrijdag 04/07/2008: Moab-Durango 260 km / 4:18
uur
We zijn erg benieuwd wat we vandaag gaan meemaken. Het is 4
juli, de Amerikaanse nationale feestdag (Independence Day) en het Amerikaanse patriottisme
kennende mogen we diverse feestelijkheden verwachten op
onze trip. We verlaten Moab en net voorbij
La Sal Junction kunnen we nog een fotostop maken
aan de Wilson Arch en de Looking Glass
Rock,
beide nog steeds in de regio van het Canyonlands National
Park. Ongeveer 19 km verder, waar links van de baan
de Church Rock staat, kan je rechts naar
“The Needles”, de meest ruige en wilde
streek van Canyonlands National Park welke met een gewone
wagen toegankelijk is. Dit is echter vergelijkbaar met het
parkbezoek wat we gisteren reeds deden en moeten steeds
via dezelfde weg terugkeren. De enige bezienswaardigheid
die eventueel de moeite loont om te bezoeken, bereik je
door de weg een 16-tal kilometer op te rijden tot aan
“Newspaper Rock”, een indrukwekkende
rotsformatie met honderden petrogliefen van ± 2000 jaar oud, waarvan de
meeste nog steeds niet zijn ontcijferd. We verkiezen om
dit letterlijk rechts te laten liggen en vervolgen onze
weg naar Cortez, een klein typisch stadje met ±
7000 inwoners. Onze vermoedens waren correct en omwille
van de nationale feestdag houdt men ook hier een parade,
waaraan alle officiële dienstenwagens deelnemen, geheel
uitgedost in de Amerikaanse kleuren en tal van vlaggetjes.
We moeten zoals alle anderen onze wagen aan de kant
plaatsen en de stoet laten voorbijrijden, die met luidt
getoeter, loeiende sirenes langzaam doorheen de stad
trekt, onder goedkeurend oog van honderden mensen met
Amerikaanse vlaggetjes. We maken van de noodzaak dan maar
een deugd en duwen af en toe ook maar eens op de toeter
van onze wagen, kwestie van sympathiek over te komen...
Een half uur later kunnen we weer onze trip verder zetten
en bereiken een goede 15 km voorbij Cortez de (enige)
toegang tot het unieke Mesa Verde National Park
in de staat Colorado.
Het is het enige Nationale Park in Amerika waar het niet
gaat om de natuur, maar om de geschiedenis van de vroegere
bewoners. Ongeveer 1500 jaar geleden vestigde een groep
Indianen zich op een dichtbegroeide hoogvlakte in het
zuidwesten van de staat Colorado. De naam van dit gebied,
Mesa Verde, betekent 'groene tafel'. In het zuiden van dit
gebied liggen veel ravijnen, waar de Indianen op beschutte
plekken rotswoningen hebben gebouwd. Omstreeks het einde
van de 13e eeuw lieten ze hun nederzettingen om nog
onopgehelderde redenen in de steek, waarbij ze veel van
hun persoonlijke bezittingen achterlieten. De
rotsnederzettingen en de andere vroege sporen van
menselijke bewoning in dit gebied, behoren tot meest
omvangrijke en best bewaarde archeologische vondsten in
heel Amerika. Sommige van de nederzettingen mogen enkel
met begeleiding worden bezocht. Dit unieke park behoort
sinds 1906 bij de oudste nationale parken van de VS en is
sedert 1978 door de Unesco ook officieel erkend als
World Heritage Site
(werelderfgoed).
Vanaf de ingang kom je na 4 mijl bij Morefield Village,
waar je een camping, een winkel, een benzinestation en een
amfitheater vindt. Hier worden regelmatig activiteiten
georganiseerd. De afstand tussen Morefield Village en het
Far View Visitor Center is 6 mijl. Onderweg kom je drie
uitkijkpunten tegen, de Montezuma Valley Overlook, Park
Point en North Rim Overlook. Park Point ligt aan een korte
zijweg, en is met 2.621 meter het hoogste punt in het
park. Er staat een brandwachttoren, vanwaar je een
uitzicht hebt van 360º over delen van Colorado, Utah, New
Mexico en Arizona. Binnen heel Amerika is deze toren een
van de plaatsen die het vaakst door bliksem wordt
getroffen. Bij het Far View Visitor Center liggen
eetgelegenheden, een hotel en een benzinestation. De weg
splitst zich hier in tweeën, de Wetherill Mesa Road gaat
naar het zuidwesten van het park, en de Ruins Road naar
het zuidoosten. In beide area’s rondleidingen
georganiseerd, waar je hier eerst kaartjes moet voor
kopen. Als het druk is, kunnen de kaartjes snel
uitverkocht raken. Wij rijden via de Ruins Road naar het
zuidoosten, richting Chapin Mesa. Even verderop kan je
langs een korte zijweg naar de Far View Ruins welke je kan
bezoeken zonder begeleiding. 10 km verder kan je links
naar het Far View Visitor Center. Aan het eind van deze
weg kan je de restanten van de Cedar Tree Tower
bezichtigen, gebouwd in de Classic Periode (anno 1300) en
vrijwel altijd in combinatie met een kiva. Even voorbij de
afslag naar de Cedar Tree Tower kom je bij een kruising,
waarbij je links naar de Ruins Road gaat en rechts naar de
Headquarters and Museum Area. In dit gedeelte van het park
vind je het Chapin Mesa Museum, waar de geschiedenis van
Mesa Verde centraal staat. Er wordt ook elk half uur een
film vertoond. Dichtbij het museum staan een snackbar, een
giftshop, een boekenwinkel en een postkantoor. Er zijn
hier ook toiletten aanwezig. Net zoals op de meeste view
points van het park, geldt ook in de Headquarters and
Museum Area eenrichtingverkeer. Je komt vanzelf weer uit
op de splitsing, waar je nu rechtsaf naar de Ruins Road
kan gaan. Je komt dan al snel bij een splitsing. Rechtdoor
kan je naar de Mesa Top Loop Road, waarvan het laatste
gedeelte van de weg een lange lus vormt. Vanaf de weg kan
je diverse pithouses en Cliff Dwellings zien, maar voor
sommige uitkijkpunten dien je eerst een korte wandeling te
maken. Linksaf ga je naar de Cliff Palace Loop Road,
waarvan ook het laatste gedeelte van de weg een lange lus
is. Je kan hier vijf Cliff Dwellings zien, waarvan twee
onder begeleiding van een Ranger. Als eerste bereik je het
uitkijkpunt naar Sun Temple. Dit bouwwerk heeft
waarschijnlijk nooit een dak gehad, men vermoedt dan ook
dat de bouw abrupt is gestopt toen de Pueblo Indianen dit
gebied verlieten. Sun Temple staat centraal ten opzichte
van de andere Cliff Dwellings en was waarschijnlijk niet
bedoeld voor bewoning, maar als een ceremoniële ruimte
voor de verschillende stammen. Dit zou dan de grootste
ceremoniële ruimte in Mesa Verde zijn. Direct voorbij deze
uitkijkplaats kom je, na een korte wandeling, bij een punt
vanwaar je een heel goed uitzicht hebt op Cliff Palace, de
grootste en bekendste van Mesa Verde. Op dit punt
verzamelen zich ook de mensen die een begeleide tour
hebben geboekt voor Cliff Palace en Balcony
House. Beide plaatsen zijn enkel te voet
en onder begeleiding te bezoeken. Vanaf de ingang van het
park tot hier was het ruim 48 km rijden en besloten we
terug te rijden en onze weg te vervolgen naar
Durango, onze eindbestemming van
vandaag. De stadsnaam komt van het Baskische woord
‘urango’, wat ‘stad van het water
betekend’. Het is een schilderachtig stadje in het
zuidwesten van de staat Colorado, aan de voet van de Rocky
Mountains. Een heel aantrekkelijke plaats waar de typisch
“Western” sfeer van vroeger wordt bewaard in
onder meer de compleet gerestaureerde main street.
Bovendien is Durango nog één van de zeldzame
Amerikaanse steden waar het soort van gelegenheden bestaat
waar de goudzoekers van destijds berooid buitenkwamen. Je
kan er dan ook volop genieten van heel wat ragtime en
andere country & western deuntjes. De sfeer is er
steeds erg uitgelaten en vooral op zaterdagavond valt er
heel wat te beleven. We verbleven er in het motel
Holiday Inn
Durango. Ter gelegenheid van de
nationale feestdag werd ons bovendien gratis een aangename
en spectaculaire afsluiter van deze dag aangeboden, in de
vorm van een immens vuurwerk boven de stad. Net zoals in
alle Amerikaanse steden, wordt de bevolking getrakteerd op
dit klank en lichtspel en konden wij van op het terras van
onze kamer dit mooi gebeuren aanschouwen. Een toffe
verrassing...
Colorado
Dag 13 zaterdag 05/07/2008: Durango-Gunnison
300 km /
5:20 uur
Het eerste deel van de vandaag af te leggen panoramische
route loopt door het San Juan National Forest
en langzaam maar
zeker stijgen we tot op een hoogte van 3635 m als we over
de Red Mountains Pass
trekken. De
Silverton Train volgt ook dit traject vanuit
Durango tot het stadje Silverton, dat zoals zijn naam laat
vermoeden voornamelijk rijk was aan het ontginnen van
zilver. Na de bergpas bereiken we het plaatsje
Ouray, ook wel het “Switserland
of America” genoemd, waar je de Box Canyon Falls aantreft. Een plotse onweersbui
en de stromende regen verhinderen ons er halt te houden,
waardoor we noodgedwongen onze weg vervolgen naar
Montrose. Van hieruit rijden we
naar Gunnison en komen enkele kilometers verder
aan de ingang van het Black Canyon of the Gunnison National
Park,
het op twee na kleinste Nationale Park in Amerika en één
van de steilste, donkerste en meest ruige canyons van de
VS, gevormd door de Gunnison River. De wanden zijn
overwegend zwart van kleur en de kloof is meer dan 600
meter diep, waarvan op de meeste plaatsen niet meer dan
450 meter breed. De canyon lijkt nog extra donker doordat
het zonlicht weinig kans heeft de wanden te beschijnen en
was oorspronkelijk 80 kilometer lang, maar de bouw van
drie dammen heeft ervoor gezorgd dat een groot gedeelte is
overstroomd. Slechts 20 kilometer van de canyon verkeert
nog in de oude staat, maar dit gedeelte omvat wel het
diepste en mooiste stuk. De toegangsweg loopt door een
gebied met veel struikgewas en klimt over een afstand van
ongeveer 12 km tot een hoogte van ruim 2500 meter. Binnen
het park wordt deze weg de South Rim Road genoemd, welke 8
mijl lang is en 12 verschillende viewpoints telt. Het kost
±2 uur om deze zijde van het park te bezoeken. Net voorbij
de parkgrens kom je bij de eerste twee viewpoints: Tomichi
Point en Gunnison Point. Bij het laatstgenoemde viewpoint
ligt het Visitor Center. Op dit punt is de canyon slechts
350 meter breed. De wanden zijn erg steil, de rotsen
verbazingwekkend puntig. Verderop kom je achtereenvolgens
bij Pulpit Rock Overlook, Cross Fissures View, Rock Point,
Devils Lookout, Chasm View, Painted Wall View en Cedar
Point. Alleen Chasm View en Painted Wall View liggen
direct aan de weg. De andere viewpoints bereik je enkel te
voet. Vervolgens bereik je het einde van de South Rim Road
de plaats High Point Overlook, waar de canyon minder diep
en wijder is. Terug aan de parkingang kan je via de
doodlopende zijweg East Portal Road met veel scherpe
bochten omlaag tot bij de Gunnison Diversion Dam in de
Curecanti National Recreational Area. Je vindt daar een
ranger station, een picknickplaats en een camping. De
noordelijke zijde van de canyon is alleen bereikbaar via
de onverharde maar wel goed begaanbare North Rim Road.
Deze weg begint aan het oostelijke uiteinde van Crawford
State Recreation Area, bij het plaatsje Crawford. De
wanden van de canyon zijn hier bijna verticaal, en het
uitzicht op de canyon is hier nog meer indrukwekkend dan
vanaf de zuidzijde. We moeten ons bezoek aan dit park
noodgedwongen afbreken omwille van een fikse donderbui en
overvloedige regenval. Dan maar verder langs de
panoramische Curecanti National Recreation
Area,
bekend om zijn watersport-gelegenheden en een 100 km komen
we aan te Gunnison en nemen er onze intrek in
het Best Western Tomichi Village
Inn.
Het stadje is niet erg toeristisch en heeft maar enkele
winkels, restaurants en cafés. Na het avondeten blijven we
dan maar rustig op de kamer napraten over wat we vandaag
zagen en wat er nog op het programma staat.
Colorado
Dag 14 zondag 06/07/2008: Gunnison-Denver
400 km /
6:21 uur
We verlaten Gunnison richting Salida naar Cañon City, de voornaamste halte van deze
dag. Deze stad is voornamelijk bekend om haar beroemde
bezienswaardigheid, de Royal Gorge
Bridge. Deze hangbrug, 330 meter boven
de Arkansas rivier, staat bekend als de hoogste hangbrug
ter wereld. De brug overspant de kloof waarin de
Royal Gorge Railroad
ligt, aangelegd naast
de rivierbedding. De brug is in 1929 op zes maanden
gebouwd en was destijds een tolbrug met één rijbaan. Ze
diende tot op heden als een toeristische attractie en bouw
ervan kostte destijds 350.000 dollar. In het
omringende Royal Gorge Park tref je bovendien nog tal van
andere attracties aan, waaronder de hoogste kabelbaan, de
steilste kabeltram en diverse hartverscheurende
‘rides”. Zeker een bezoek waardig. Nadien
reden we via Penrose en Colorado Springs naar Denver, onze eindbestemming van onze
reis. We namen er opnieuw intrek in het Comfort Inn
Denver, waar we de eerste nacht
verbleven en nu onze twee laatste nachten in de VS zullen
zijn. Onderweg kregen we nog een aantal fikse regenbuien
te verduren, waardoor we soms stapvoets op de autostrade
konden rijden. Er komt blijkbaar een eind aan het mooie
weer van de voorbije twee weken, al is het in Denver terug
mooi warm weer met een mooie blauwe hemel. De onweders
blijven blijkbaar rond de Rocky Mountains hangen, waar je
vanuit de stad een erg mooi zicht op hebt. We wandelen
vanavond nog even rond in de nabije omgeving, gaan lekker
dineren en sluiten de avond af met een bezoek aan de
plaatselijke live jazzclub Jazz @
Jack’s. Al is dit soort muziek niet
meteen ons favoriete genre, toch sta je versteld van wat
deze musici ten gehore brengen. Gewoonweg super!
Colorado
Dag 15 maandag 07/07/2008: Denver
Denver is sinds 1876 de hoofdstad van de
staat Colorado en ligt aan de oostelijke voet
van de Rocky Mountains. Van oorsprong is het een stad
van goudzoekers en telde 566.974 aantal inwoners in 2006.
Hiermee is Denver de 26ste stad van de V.S. De bijnaam van
de stad is ‘The Mile High City’ omdat de stad
precies één mijl (1609,344 m) boven de zeespiegel ligt.
Het weer in de omgeving van de stad wordt voornamelijk
bepaald door de Rocky Mountains en vergeleken met de
andere omliggende valleien het milde klimaat vaak
onvoorspelbaar. Dat ondervinden we ook wanneer we opstaan
en het aan het regenen is. Dan trekken we maar naar het
overdekte deel van de 16th Street Mall, Het verkeersvrije shopping
straat in het centrum van de stad. Doorheen deze mall
rijden enkel elektrisch aangedreven bussen waar je zoveel
je wil gratis gebruik mag van maken. Das pas openbaar
vervoer! Ook kan je van hieruit met paard en koets de stad
bezoeken. Tegen de middag is de zon weer volop van de
partij en wandelen we gezellig door de mooie en erg nette
stadskern, waaronder ook het prachtige domein rondom
het State Capitol, het parlementsgebouw van de
staat Colorado. Van hieruit heb je een mooi panorama over
de stad en de diverse wolkenkrabbers die hoog oprijzen.
Verder doen we het vandaag heel rustig aan, want we hebben
de afgelopen weken erg veel gereden en dagelijks lange
afstanden moeten overbruggen. Vooral deze laatste waren er
misschien net iets teveel aan, al kan je nu eenmaal niet
anders om in deze streek de mooie bezienswaardigheden te
bezoeken. Het is typisch aan het middenwesten dat de
belangrijke plaatsen honderden kilometers van elkaar
liggen en de vaak eindeloze wegen ertussen buiten een blik
op het uitgestrekte landschap weinig te bieden hebben. Je
kan je voorstellen hoe lang men er destijds over deed om
per paard door deze gebieden te trekken op zoek naar
nieuwe horizonten in het verre westen. Deze dag extra is
erg eveneens erg welkom om de bagage wat te herschikken
voor onze terugreis morgen.
![]()
Dag 16 dinsdag 08/07/2008: Denver-Brussel 10:00
uur
We hebben alle tijd, want onze terugvlucht is pas om 17:45
uur. Eerst rustig ontbijten, de koffer pakken en in de lobby
plaatsen, uitchecken en de wagen voor de laatste maal
inladen. Rond 11 uur stellen we het navigatiesysteem in
richting het verhuurwagenbedrijf in de buurt van de
luchthaven. Daar moet je normaal gezien alles uitladen en met
de shuttle n aar de terminal rijden, maar de vriendelijke
heer die de wagen keurt voor ontvangst, besluit ons gauw even
zelf tot daar te rijden, waardoor we niet met alles moeten
sleuren. Das pas service! We worden meteen bij de
incheckbalie van onze luchtvaartmaatschappij
Lufthasa afgezet en kunnen tot onze grote
verbazing reeds onze bagage afgeven, waarbij men onze
ticketten voor de terugvlucht overhandigd. En dat om 12
uur ’s middags, ruim 6 uur voor het vertrek ! Een
prettige ervaring die we voor de eerste keer meemaken.
Wellicht is werking van Denver International
Airport, die hier pas sinds 1995
gebouwd, hier de oorzaak van. Alleszins een punt waar men
op vele andere luchthavens best mag op jaloers zijn.
Eenmaal doorheen de douane en veiligheidscontrole kunnen
we nog lekker relaxed rondkuieren in de diverse shops van
het luchthavengebouw. Ondertussen trekt buiten het
wolkendek zich weer samen en wordt het erg donker. Een
zwaar onweer breekt uit boven Denver en diverse vluchten
worden omgeleid naar andere luchthaven. Als bij wonder
klaart het opnieuw uit rond de tijd dat onze vlucht moet
landen en kunnen zoals gepland inschepen en opstijgen. De
eerste 30 minuten van de vlucht hebben we veel last van
turbulentie, maar eenmaal op hoogte verloopt alles vlot en
zetten we koers naar Europa. Goodbye America, Belgium,
here we come...



